Mijn jeugdjaren zijn onlosmakelijk verbonden met het dorp IJsselmuiden, waar ons gezin aan het begin van mijn lagere schooltijd neerstreek.

En waar ik een kleine zeven jaar eerst en vooral behoorlijk ongelukkig was… IJsselmuiden ligt niet ver van Zwolle, mijn geboorteplaats. Aan de andere kant van de rivier de IJssel ligt Kampen, groter en bekender, maar ook nog alles behalve een wereldstad.

De meest bepalende jaren van mijn jonge leven speelden zich hier af, en er is eigenlijk niets dat me een warm gevoel geeft als ik terugdenk aan die tijd. Of het moeten mijn lange tochten door de polder zijn, springend over slootjes, in gezelschap van onze hond, Dago. Toen mijn enige echte vriend. Onze liefde voor elkaar was onvoorwaardelijk, mijn band met de hond was sterker dan die met enig mens.

“Ik was een eenzaam en verdrietig ventje, dat er het beste van probeerde te maken.”

Vooral door spelletjes te spelen in mijn hoofd. Zo nam ik vele middagen deel aan de Olympische Spelen. Tegenover ons huis was een verspringbak, die bij de school hoorde. De CNS, de Christelijk Nationale School, was ook de school waar ik op zat. Uren was ik daar aan het verspringen, met een duimstok van mijn vader om de afstanden te meten. En een bezem om het zand na iedere sprong te egaliseren. Dat zou eigenlijk met een hark moeten, maar die hadden we thuis niet. Ik verbeeldde me dat ik Bob Beamon was, een legendarische zwarte atleet, die in 1968 goud op de Olympische Spelen had gewonnen. Met een onvoorstelbare sprong van 8.90 meter. Zo lang was onze verspringbak niet. Maar in mijn hoofd was ik Bob Beamon, in een uitverkocht stadion in Mexico Stad… Minder dan de helft haalde ik, 4.20 meter. Maar net als bij Beamon was die sprong veel verder dan alle andere pogingen, dus ik voelde me toch verbonden met de beroemde Amerikaanse atleet.

Gisteravond speelde ik met mijn zoon Fimme Bakker in de Stadsgehoorzaal in Kampen. Voor de voorstelling rende ik een rondje door het dorp waar ik eigenlijk nooit meer kom. Niets of niemand heb ik daar nog. Er kwamen weer allerlei herinneringen voorbij, tijdens dat rennen in de vroege, maar al zeer donkere avond.

Eerder in de afgelopen week sprak ik met een literaire redacteur over de roman die ik al jaren wil gaan schrijven. Hij gaat me helpen met een autobiografisch boek over mijn oud zeer. Die roman gaat er nu eindelijk echt komen, en ik heb zelfs al een begin gemaakt.

De titel is er ook al: IJsselmuiden.

Blijf-Beter!Welkomsgeschenk

Meld je vandaag nog aan voor Bram's maandelijkse nieuwsbrief en ontvang zijn boek Blijf Beter! (in pdf).

Mis 'm niet!