Als je rent, kun je niet piekeren

Den Haag Centraal. Bram Bakker zwaait naar me vanuit een zwarte Volvo V60. Paarse polo, Ray-Ban, kortgeknipt krulhaar doorspekt met grijs. Als ik het portier opentrek, schuift Bram een klein hondje opzij. Het beestje, Bulletje genaamd, zit daarna kalm op de vloer tussen mijn voeten. ‘Hij gaat overal mee naartoe’, zegt Bram. ‘Patiënten zijn gek op ‘m. Sommige gaan zelfs met hem wandelen.’

We rijden de stad uit, onderweg naar Zandvoort, waar Bakker een cursus Running Therapy zal geven aan fysiotherapeuten, artsen, et cetera. Zij kunnen de therapie dan toepassen in hun eigen vakgebied. Psychologie meets lichaamsbeweging. Want: ‘Als je rent kun je niet piekeren. Het effect van sport en beweging op onze gemoedstoestand wordt hopeloos onderschat. We slikken wel allerlei pillen, maar we bewegen niet.’

Een schitterende donderdag. Vroege middag. De strakblauwe lucht is als een reusachtige pijl die naar de kust wijst. Die richting in rijden, voelt juist. We nemen de kleine wegen, passeren groen en gras en ven, de enorme villa’s in Katwijk.

In Den Haag bezocht Bram een patiënte met een angststoornis zo hevig dat ze haar huis niet meer uit durfde. ‘Ze heeft last van wat huisartsen ‘vage klachten’ noemen.’ En met vage klachten word je dus doorverwezen naar psychologen als Bram Bakker. Laatst vertelde een kno-arts hem over een patiënt die ineens last had van oorsuizen. Die eiste bijna dat de arts zijn oren zou verwijderen. De arts onderzocht de patiënt zo goed als hij kon, maar hij vertrouwde Bram toe: ‘Was eigenlijk iemand voor jou.’

Want ja, we zijn toch wel een beetje aan het ontsporen, met z’n allen. Bram: ‘We doen idiote dingen. We nemen geen rust. We kunnen niet terugschakelen.’ Hij lacht: ‘Laatst was er weer zo’n onderzoek dat stelde dat Nederland in de toptien van gelukkigste landen staat. Dan denk ik: het aantal zelfmoorden neemt toe, er gaan steeds meer mensen aan de ritalin, een miljoen mensen is aan de anti-depressiva, steeds meer mensen krijgen een burn-out.’ Hij vertelt en wrijft over zijn arm. Een groot sporthorloge om zijn pols. Hij is een ontspannen chauffeur; de Volvo heeft camera’s aan alle zijden en lijkt haast zichzelf te besturen. ‘Er is iets gaande’, licht hij toe. ‘Mensen beginnen in te zien dat het zo niet langer gaat.’

Bram laat even het stuur los. Wat hij wil demonstreren, is dat de auto hem waarschuwt wanneer hij over de witte streep dreigt te rijden. Maar dat gebeurt niet. Een beetje teleurgesteld: ‘Op deze weg doet hij het niet.’ Het is maar goed, dan, dat hij zelf ook nog een beetje oplet.

Zijn telefoon gaat. De radio. Een redacteur van de EO. Of hij ’s nachts tussen drie en vijf de vragen van luisteraars wil beantwoorden. Nee, liever niet. De redacteur zegt dat hij het begrijpt, maar klinkt enigszins verbolgen.
Ze weten hem steeds vaker te vinden, Bram Bakker. Er is iets gaande. We zijn op zoek. We voelen ons verloren. We hebben stress. En als pillen het antwoord niet zijn, wat dan wél? Rust en lichaamsbeweging? Het klinkt zo simpel; we kunnen het haast niet geloven.

Om ons heen blaakt het groen. De zon zegt: Nog iets verder, nog iets verder. Daar! De zee! De wind! De rust! ‘Ik heb mezelf restricties opgelegd’, vertelt Bakker. ‘Ik gebruik vaak de vliegtuigmodus van mijn telefoon. Op zondag gebruik ik internet helemaal niet.’ Ook grote bedrijven begrijpen dit steeds beter. Personeel van BMW kan na werktijd niet meer mailen. Hun account wordt tijdelijk geblokkeerd. Op die manier gaan er minder medewerkers de ziektewet in.

We rijden Zandvoort in. Mooie streek, iets minder mooie badplaats. Bram veert op. ‘Hoor je?’ En ja, ik hoor het: een pieptoon. De auto waarschuwt voor de witte streep. Dit keer wel.

Bij het station stap ik uit. De zee krijg ik niet te zien. Ik had een uurtje later naar huis kunnen gaan. Even op het strand kunnen lopen. Maar ik doe het niet. Ik heb het te druk. Ik heb dingen te doen. Ik moet door.

Schrijver Henk van Straten reist elke week een stukje op met een min of meer bekende Nederlander.
@henkvanstraten

2 Comments Als je rent, kun je niet piekeren

  1. Harry Bartelds

    Als drager van een Baha kom ik soms ook bij de KNO arts. Ik ben chronisch patiënt van de KNO arts. Dat de KNO arts in dit voorbeeld zegt: “eigenlijk een patiënt voor jou, is niet zo verwonderlijk.” Een psychiater zei eens tegen mij : “Ik zeg wel eens tegen predikanten : neem jij de spuit mee dan neem ik de Bijbel mee!” Het schemer gebied tussen psychiatrie en theologie mooi in beeld gebracht. Er is ook duidelijk een schemer gebied tussen KNO kunde en psychiatrie. De baha heeft mij een stuk kwaliteit van het leven terug gegeven. Nu nog een passende baan. Viktor Frankl vergelijkt in zijn boek – de zin van het bestaan – het leven van werkloze met die van iemand die in een gevangenis zit. Beiden krijgen te maken met deformatie van tijd. Om niet in een depressie weg te schieten en om niet bij “de psychiater” te belanden start ik de dag -zolang ik nog geen baan heb wat mij een goed inkomen verschaft – met een fiets tocht door nationaal park de Sallandse heuvel rug. Afstanden tussen de 30 en 150 kilometer. Na het fietsen doe ik een ademhaling oefening van tien minuten. Ik train mijn uitademing. Ik wil leren langer uit te ademen. Zo blijf ik mooi weg bij de psychiater. Binnenkort moet ik nog wel naar de KNO arts. Ik blijf chronisch patiënt van de KNO arts. Harry Bartelds

    Reply
  2. Harry Bartelds

    Inmiddels ben ik als Citywerker aan het werk voor http://www.thegiftcity.nl Hopelijk vind ik via deze weg een reguliere baan. Binnenkort kom ik nog naar Amsterdam dit in verband met een symposium georganiseerd door http://www.grow2work.nl Het fietsen staat inmiddels op een laag pitje. Wel wil ik samen met andere mensen in De Parel van Salland het plezier in hardlopen her ontdekken. Herontdekken? Ja voor mij is het vooral herontdekken. En soms lukt dat weer. (-; Succes maar vooral ook veel plezier tijdens de marathon van New York!

    Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *