Veel mensen vinden zichzelf dom, dik en lelijk. En hoe je je best ook doet, zo’n basale overtuiging over jezelf werk je meestal niet weg.

Mijn boek De dokter als patient is af en verschijnt in oktober. Nu ligt het bij een zogenaamde persklaarmaker, en als ik de opmerkingen van haar heb verwerkt volgt een drukproef. Het duurt me veel te lang, net als die cerebellaire ataxie (lees eerdere post: De dokter als patiënt)…

Ondertussen heb ik doorlopend toevoegingen in gedachten: onderwerpen die ook nog in het boek gemoeten zouden hebben, maar die er nu niet in staan. En ik blijf klachten houden, na ruim vijf maanden loop ik nog steeds niet ‘normaal’.

Haat

Ik had nog aandacht moeten besteden aan haat. Een lelijk woord voor de meeste mensen en vrijwel alleen negatief in het nieuws. Haat is een lelijke emotie, zoals het veel meer geaccepteerde (en daardoor ook minder negatief geladen) boosheid. Toch verdient haat veel meer aandacht, als een belangrijk en vaak vergeten motief achter geweld. Ten opzichte van anderen, maar ook ten opzichte van zichzelf (de zogenaamde zelfdestructie). Iemand die voor een trein springt moet zichzelf toch wel haten?

Vanochtend ging ik hardlopen en het ging niet eens slecht. Ik loop harder en verder dan menige gezonde landgenoot, maar toch haatte ik mezelf, oprecht. Of beter nog: mijn ziekte. Nog steeds is die niet over, en ik wil dat niet meer. Ik zou er het liefst het bijltje bij neergooien, maar dat doe ik niet.

‘Zelfmoord is een definitieve oplossing voor een tijdelijk probleem’, zei een vriend ooit treffend. En zo is het. Maar als je lang je best doet en zo weinig vooruitgang boekt word je moe, en wil je soms gewoon even niet meer. ‘Even’ in mijn geval, gelukkig. Ik denk dat het bij de meesten van ons zo gaat, en dat het vaak erger wordt naarmate je harder werkt. Veel mensen zoeken naar compensatie in wat ze doen. Ze vinden zichzelf diep van binnen waardeloos en gaan zich dan gedragen alsof ze geweldig zijn. Zeer vermoeiend, vooral ook voor de omgeving die het niet doorziet. Waarom die uitsloverij, dat geklop op de eigen borst?

“Maar als je lang je best doet en zo weinig vooruitgang boekt word je moe, en wil je soms gewoon even niet meer

Gevaarlijk

Terwijl het echt het minst vermoeiend is om er op te vertrouwen dat je goed genoeg bent. En dat zijn we toch bijna allemaal. Veel mensen worden door heel veel inspanning rijk en beroemd, maar de compensatie die ze zoeken vinden ze niet. Ze vinden zichzelf dom, dik en lelijk. Of te klein, zoals veel bekende mannen. En hoe je je best ook doet, zo’n basale overtuiging over jezelf werk je meestal niet weg. En de haat die dat oproept kan gevaarlijk zijn. Zeker als het lang duurt en niemand het weet…

Kunnen we dan niets doen? Natuurlijk wel: langdurige psychotherapie, om iemands vertrouwen te winnen en het hem/haar mogelijk te maken om deze gruwelijke overtuiging over zichzelf eens met iemand te delen. En daarna wellicht ter discussie te durven stellen. Dat kost tijd en dat is niet effectief volgens kortzichtige economen en zorgbestuurders (zie eerdere post: Ggz-organisaties doen psychiatrie en psychotherapie in de uitverkoop).

Lees de column en reacties op Joop.nl