Levenslust

Ik ben overtuigd dat zin in het leven in iedereen zit, ook al is het soms diep verstopt.

Mijn cerebellum is nog steeds niet geheel hersteld, maar het vordert wel. Ik oriënteer me zelfs op hervatting van mijn werk als psychiater. Psychisch voel ik me ongeveer even gek als voor mijn ziekte, dus dat gaat goed. Ergens tijdens het ziekteproces voldeed ik zelfs aan de criteria van een depressieve stoornis en een post hierover kreeg enorm veel respons.

Ik had veel meegemaakt, dus ik kon er ook nog wel iets mee ook, zo’n DSM-label. Een ‘reactieve depressie’ werd dat vroeger genoemd. Maar toch: ik was nooit levensmoe en dacht niet vaak aan de dood, al helemaal niet als een oplossing voor al mijn problemen. Ik hield nog steeds van het leven en wilde niets liever dan daar van genieten, en dat lukte steeds maar niet.

In augustus ontdekte ik bij toeval CCAS op het internet en ineens viel alles op zijn plek. Ook de mensen in mijn directe omgeving herkenden me moeiteloos. Niks depressie, een ontregeld cerebellum. En juist die levenslust heeft me op de been gehouden de afgelopen maanden, is mijn inschatting.

Zin in het leven

En daar wil ik nu mee door, ook professioneel: ik ga proberen om mensen te helpen om hun zin in het leven weer terug te vinden. Want ik ben overtuigd dat die in iedereen zit, ook al is het soms diep verstopt. Ik wil de mensen die lijden onder gebeurtenissen en personen in hun omgeving helpen om het leven weer leuk te gaan vinden, en zich niet eindeloos te laten gijzelen door gedrag dat ze toch niet kunnen veranderen. Liefde is prachtig, maar het geneest geen kanker, de alcoholist gaat er niet minder door dringen en de dood houd je er ook niet mee buiten de deur. Want het leven is echt de moeite waard, zelfs voor sombere en verdrietige mensen.

Of het nu om partners van psychiatrische patienten gaat of om mensen die rouwen om het verlies van een dierbare: het leven gaat door, ook als is het soms moeilijk.

“Het leven is echt de moeite waard, zelfs voor sombere en verdrietige mensen.

Het eerste project dat ik heb omarmd heet zelfs ‘Levenslust’. Initiatiefneemster Patty Duijn, die dagelijks stervenden en de mensen om hen heen begeleidt, beoogt hiermee de eenzaamheid van veel nabestaanden te doorbreken, door ze iets te laten beleven in het bijzijn van lotgenoten. En dat is de weg die we moeten gaan, ook als professionals: mensen verbinding bieden.

We moeten niet alleen maar al dan niet zieke individuen zien, maar ook de hele context daaromheen. Nu een ondergeschoven kind in de zorg, maar wie zouden we zijn zonder mensen om ons heen? Met hen moeten we het leven vieren!

Lees deze column en reacties op Joop.nl.

 

(Zelf)haat

Veel mensen vinden zichzelf dom, dik en lelijk. En hoe je je best ook doet, zo’n basale overtuiging over jezelf werk je meestal niet weg.

Mijn boek De dokter als patient is af en verschijnt in oktober. Nu ligt het bij een zogenaamde persklaarmaker, en als ik de opmerkingen van haar heb verwerkt volgt een drukproef. Het duurt me veel te lang, net als die cerebellaire ataxie (lees eerdere post: De dokter als patiënt)…

Ondertussen heb ik doorlopend toevoegingen in gedachten: onderwerpen die ook nog in het boek gemoeten zouden hebben, maar die er nu niet in staan. En ik blijf klachten houden, na ruim vijf maanden loop ik nog steeds niet ‘normaal’.

Haat

Ik had nog aandacht moeten besteden aan haat. Een lelijk woord voor de meeste mensen en vrijwel alleen negatief in het nieuws. Haat is een lelijke emotie, zoals het veel meer geaccepteerde (en daardoor ook minder negatief geladen) boosheid. Toch verdient haat veel meer aandacht, als een belangrijk en vaak vergeten motief achter geweld. Ten opzichte van anderen, maar ook ten opzichte van zichzelf (de zogenaamde zelfdestructie). Iemand die voor een trein springt moet zichzelf toch wel haten?

Vanochtend ging ik hardlopen en het ging niet eens slecht. Ik loop harder en verder dan menige gezonde landgenoot, maar toch haatte ik mezelf, oprecht. Of beter nog: mijn ziekte. Nog steeds is die niet over, en ik wil dat niet meer. Ik zou er het liefst het bijltje bij neergooien, maar dat doe ik niet.

‘Zelfmoord is een definitieve oplossing voor een tijdelijk probleem’, zei een vriend ooit treffend. En zo is het. Maar als je lang je best doet en zo weinig vooruitgang boekt word je moe, en wil je soms gewoon even niet meer. ‘Even’ in mijn geval, gelukkig. Ik denk dat het bij de meesten van ons zo gaat, en dat het vaak erger wordt naarmate je harder werkt. Veel mensen zoeken naar compensatie in wat ze doen. Ze vinden zichzelf diep van binnen waardeloos en gaan zich dan gedragen alsof ze geweldig zijn. Zeer vermoeiend, vooral ook voor de omgeving die het niet doorziet. Waarom die uitsloverij, dat geklop op de eigen borst?

“Maar als je lang je best doet en zo weinig vooruitgang boekt word je moe, en wil je soms gewoon even niet meer

Gevaarlijk

Terwijl het echt het minst vermoeiend is om er op te vertrouwen dat je goed genoeg bent. En dat zijn we toch bijna allemaal. Veel mensen worden door heel veel inspanning rijk en beroemd, maar de compensatie die ze zoeken vinden ze niet. Ze vinden zichzelf dom, dik en lelijk. Of te klein, zoals veel bekende mannen. En hoe je je best ook doet, zo’n basale overtuiging over jezelf werk je meestal niet weg. En de haat die dat oproept kan gevaarlijk zijn. Zeker als het lang duurt en niemand het weet…

Kunnen we dan niets doen? Natuurlijk wel: langdurige psychotherapie, om iemands vertrouwen te winnen en het hem/haar mogelijk te maken om deze gruwelijke overtuiging over zichzelf eens met iemand te delen. En daarna wellicht ter discussie te durven stellen. Dat kost tijd en dat is niet effectief volgens kortzichtige economen en zorgbestuurders (zie eerdere post: Ggz-organisaties doen psychiatrie en psychotherapie in de uitverkoop).

Lees de column en reacties op Joop.nl

 

Ggz-organisaties doen psychiatrie en psychotherapie in de uitverkoop

Al jaren spelen de ggz en de zorgverzekeraars onder één hoedje. Zorgverzekeraar Menzis baarde opzien door het voornemen om de ‘behandelingen van korter dan één jaar voor niet-chronisch depressieve cliënten’ (bron: Volkskrant) te gaan vergoeden op basis van de resultaten.

Een storm van protest stak op, vooral gericht tegen Menzis. Laat ik voorop stellen dat ook ik het een onzalig plan vind. Maar de mensen die nu moord en brand schreeuwen moeten zich vooral de vraag stellen of dit niet voorspelbaar was. En ook het feit dat er al voor de komende drie jaar afspraken gemaakt zijn met achttien grote organisaties in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) zou meer aandacht moeten krijgen. Al jaren spelen de ggz en de zorgverzekeraars onder één hoedje, en dit akkoord is er slechts het zoveelste voorbeeld van. De eerste vraag is natuurlijk wat de ggz beweegt om vooral de psychotherapeutische behandelingen zo slecht te beschermen. Want behandeling met antidepressieve medicatie geschiedt nu ook al grotendeels door de huisarts.

Dat de kosten van de ggz de pan uitrijzen hoeft niet ter discussie gesteld te worden. ‘3,5 miljard euro is de ggz jaarlijks kwijt aan zorg voor volwassenen,’ zegt hetzelfde artikel in de Volkskrant. Heel veel geld van de belastingbetaler. En het wordt steeds meer, dus dat men probeert te bezuinigen is niet meer dan logisch en moet men Menzis vooral niet kwalijk nemen.

De cruciale vraag is natuurlijk of psychotherapie op dezelfde manier kan worden geëvalueerd als pakweg een operatie aan de blindedarm of het opereren van een gebroken been. Het klinkt mij als een retorische vraag in de oren, maar dat is wel waar men voor heeft gekozen: in de ggz werkt men volgens het medische model, en in de gezondheidszorg draait alles om effectiviteit. Dan is het voornemen dat gisteren naar buiten kwam niets meer of minder dan ‘meer van hetzelfde’.

Omkatten

Psychische klachten omkatten tot DSM-stoornissen (alle psychische stoornissen op basis van symptomen; red.), en ze laten behandelen als symptomen van een ziekte berust op een keuze, die soms goed uitpakt en tegenwoordig steeds vaker niet. Als de omstandigheden in iemands leven (werkloosheid, verlies van een relatie of overlijden van een dierbare bijvoorbeeld) leiden tot problemen kan het goed zijn daarover met een professional als een psychotherapeut te gaan praten. Nog steeds doen te weinig mensen dat, denk ik. Maar het gaat dan niet om de behandeling van een medische aandoening. De klachten laten zich aantoonbaar slecht meten, omdat de ene dag de andere niet is (dit heet ook wel ‘het leven’) en er is geen enkel bewijs dat een efficiënte behandelaar ook beter is. Omdat zoiets ondefinieerbaars als ‘de klik’ ook een rol speelt, en lang niet zo’n beetje.

In een tijd van haast en beperkte publieke middelen is sturen op doelmatigheid niet vreemd. Maar behandeling van depressies en angststoornissen is iets heel anders. Het is de grote GGZ-organisaties, die al grotendeels monopolisten zijn, zwaar aan te rekenen dat ze de psychiatrie en de psychotherapie op deze manier in de uitverkoop doen. En als we het echt anders willen (ja toch?) moet daar veel meer bij worden stilgestaan. Een goed gesprek verdient zich altijd ergens terug.

Cc-foto: SP

Lees de column (en reacties) op Joop.

 

Ook nog een depressie

Ook nog een depressie

Depressie is een eng label. Maar mij helpt het. Begrip voor mijn eigen situatie werkt helend.

Al meer dan drie maanden zit ik ziek thuis. Ik heb cerebellaire ataxie, waarschijnlijk door de griep. En dan ineens valt het muntje: ik voldoe ook nog aan de criteria van een depressieve stoornis. Volgens de classificatie van DSM-5.

Mijn vriendin schrikt als ik het haar vertel, maar ze heeft ook iets van ‘eindelijk’.

Iedere dokter leert dat het risico op een psychische aandoening sterk toeneemt bij lichamelijke ziekte. Omgekeerd trouwens ook. Lichaam en geest zijn tenslotte één. Ik denk dat het in de dagelijkse praktijk vaak over het hoofd wordt gezien. Ik had het zelf eerst niet eens door. Terwijl ik er voor heb doorgeleerd.

Met aanleg heeft het in mijn geval weinig van doen. Na 54 jaar heel druk te zijn geweest is maanden gedwongen niets doen een hele opgave. En mijn psychische gesteldheid is slechts één van de gevolgen…

Inzicht is meer waard

Ik denk dat ik niet aan de medicatie hoef. Alleen al van de mogelijke bijwerkingen word ik angstig. Inzicht is meer waard en in mijn geval al een hele opluchting. Aanmelding bij de GGZ heeft ook weinig zin: aan het einde van de wachtlijst ben ik hopelijk al lang beter. En psychotherapie om vast te stellen dat mijn karakter niet helpt zie ik ook niet zitten.

Ik prijs me gelukkig met een ervaringsdeskundige vriend. Een gepensioneerde coach, die ergens op het platteland woont. Hij werd ooit met elektroshocks van een zware depressie bevrijd en weet dus wel wat een stemmingsstoornis is. Regelmatig reis ik naar hem toe. Hij kent me en stelt tenminste serieuze vragen. Nadenken en tijd helpen me. Een behandelaar in officiële zin ontbreekt, maar ik moet mezelf ook lichamelijk al weer lopen leren.

“Ik word gedwongen tot nadenken over mijn vroegere leven. Dat ik zo druk was beschouw ik nu als onvoorstelbaar.

Depressie is een eng label. Maar mij helpt het. Begrip voor mijn eigen situatie werkt helend. Wel zie ik ineens veel scherper de last die ik al die tijd heb gevormd voor de mensen in mijn directe omgeving. Dat ik de diagnose nu pas stel heeft ook te maken met mijn vooruitgang. Op de bodem van de put weet je niet precies waar je bent.

Louterende werking

De ‘stoornis’ werkt ook louterend. Zoals het overgeven bij een voedselvergiftiging hoort, zo herken ik slecht slapen en een gebrekkige eetlust als logische onderdelen van mijn situatie. En ik word gedwongen tot nadenken over mijn vroegere leven. Dat ik zo druk was beschouw ik nu als onvoorstelbaar.

Ik wil nooit meer meemaken wat me is overkomen en het eigen aandeel zal ik tot in lengte der dagen nemen. De depressie is op termijn een aandenken: zo ver was ik heen en nooit wil ik daar naar terug. Een ‘blessing in disguise’ noemen ze dat toch?

Foto: cc-foto: Darwin Bell

 

 

Het probleem van psychische klachten: diagnose onbekend

Het probleem van psychische klachten: diagnose onbekend

Er zijn steeds meer mensen waarbij er niet één-op-één een oorzaak is aan te wijzen voor de klachten. Burn-out is tegenwoordig een groot probleem in onze samenleving, maar de tijd dat we het enkel koppelden aan hard werken ligt gelukkig achter ons.

Je kunt oorsuizen met een chique medisch woord tinnitus noemen, maar de arts die het woord tinnitus hanteert bedoelt er precies hetzelfde mee als de leek die het heeft over oorsuizen. Oorsuizen of tinnitus is een symptoom, dat soms heel heftig is, maar ook niet meer dan dat. Een dokter wil graag weten wat de oorzaak is van dat symptoom, dus wat het oorsuizen veroorzaakt. Een diagnose is de oorzaak achter een bepaald symptoom, de ziekte die het veroorzaakt.

Zo kan longkanker (een diagnose) het symptoom aanhoudend hoesten verklaren.

Soms is de oorzaak van een symptoom onbekend: voor de ontdekking van het HIV-virus sprak men over AIDS, daarna over een virale infectie die de symptomen veroorzaakte.

“Een duidelijke oorzaak vindt men niet voor de meeste psychische klachten.

Burn-out klachten

Er zijn steeds meer mensen waarbij er niet één-op-één een oorzaak is aan te wijzen voor de klachten. Burn-out is tegenwoordig een groot probleem in onze samenleving, maar de tijd dat we het enkel koppelden aan hard werken ligt gelukkig achter ons. Strikt genomen is het hele begrip ‘werkstress’ onzin, omdat ons lichaam geen onderscheid kan maken tussen ‘werkstress’ en ‘privéstress’. Sterker nog: bij de honderden mensen die ik zag met klachten van een burn-out trof ik nog nooit iemand die buiten het werk alles perfect op orde had. En gelukkig maar, omdat in dat geval verandering van werk tot genezing zou moeten lijden en zo simpel is het helaas nooit…

De meeste aandoeningen zijn met een lelijk woord ‘multicausaal’ bepaald. En een goede hulpverlener helpt je met het vinden van de factoren die het verschil maken.

Psychische problemen zijn vaak complex

Het is geen gewaagde stelling om alle psychische problemen complex te noemen. Zonder een bepaalde aanleg doen de omstandigheden er niet toe, net als bij heel veel aanleg. In sommige families is bijna iedereen manisch-depressief. Paradoxaal genoeg kun je dan bijna niets anders doen dan pogen de omstandigheden zo min mogelijk van invloed te laten zijn. Dat is precies de gedachte achter de ‘rust, reinheid en regelmaat’, die zo vaak wordt geadviseerd aan mensen met (ernstige) psychische problemen.

Het medische model draait om het vinden van de juiste diagnose, waarbij er in principe altijd maar één oorzaak is, en er weinig tot niets zit tussen ‘ziek’ en ‘gezond’. Een objectieve oorzaak legitimeert de ziekte, het ontbreken daarvan plaatst ons voor problemen. Een duidelijke oorzaak vindt men niet voor de meeste psychische klachten. Of het medische model wel het meest geschikte is vraagt men zich niet af, terwijl de oplopende wachtlijsten daar bijvoorbeeld wel een argument voor zijn.

De GGZ lost haar problemen nooit op zonder kritisch na te denken over haar model. Psychische klachten zijn ingewikkelder dan een gebroken been of een ontstoken blindedarm. Wees eerlijk als je er eens goed over nadenkt: ze lijken er niet eens op…

 

Foto: cc-foto: Rodrigo Diaz

Lees column en reacties op Joop.nl

 

 

Bewijs het maar eens

Bewijs het maar eens

Veel mensen met psychische klachten belanden uiteindelijk in het alternatieve circuit. 

In de moderne geneeskunde draait alles om de diagnose. En als die gesteld is dan volgen vooral gemiddelden. Als het goed is wordt je diagnose evidence-based behandeld, gemiddeld dus. Ooit was dit vooruitgang en mocht je blij zijn als een gemiddelde behandeling gegarandeerd was. Minder dan gemiddeld was toen niet abnormaal…

Anno 2018 weet je zeker dat een gemiddelde behandeling voorbij gaat aan specifieke kenmerken: cultuur, opvoeding, arm of rijk, alleenstaand of getrouwd, etcetera. Iedereen begrijpt dat dit er toe doet, behalve de moderne arts (of begrijpt die het stiekem ook wel?). De meeste dokters houden er in hun professionele handelen geen rekening mee zolang het niet evidence-based is (ofwel: wetenschappelijk bewezen relevant)

Magistrale misvatting

‘Niet wetenschappelijk bewezen’ wordt in ons land vaak opgevat als niet-werkzaam. En dat is een magistrale misvatting: de overgrote meerderheid van alle handelingen in de moderne geneeskunde is in het geheel niet evidence-based, en dat vormt (gelukkig) geen enkel bezwaar.

Sterker nog: wat is de waarde van evidence-based precies als je kijkt naar de financiering van het onderzoek? En dat gebeurt steeds vaker, denk bijvoorbeeld ook aan de voedingsindustrie. In de psychiatrie is in verhouding veel pillen-onderzoek gepleegd, met geld van een geneesmiddelenfabrikant.

Wat is de praktische betekenis van een middel dat bij de behandeling van een depressie statistisch significant beter scoort dan een placebo? Als de depressie voornamelijk het gevolg is van bijvoorbeeld relatieproblemen vrij weinig ben ik bang: de prognose heeft veel te maken met de vraag of de relatieperikelen zijn opgelost. En pillen die zorgen voor een stabiele relatie zijn er helaas nog niet. Wel een gat in de markt trouwens, de ‘relatiepil…

Zo kan een depressie ook het gevolg zijn van langdurig het verkeerde werk. Maar leuk werk door een pil te slikken? Dat vinden we te simpel, toch?

Soms zijn medicijnen wèl levensreddend

Bij sommige mensen met depressie zijn medicijnen wèl levensreddend, gelukkig. Waarom? Als ik eerlijk ben heb ik er weinig idee van. Daarom is de psychiatrie ook zo’n interessant vak. En gezien de enorme aantallen mensen met psychische klachten is het nog uiterst relevant ook…

Veel mensen met psychische klachten belanden uiteindelijk in het alternatieve circuit. Omdat de klachten aanhielden ondanks reguliere behandelingen, of omdat men sowieso geen geloof hechtte aan medicatie of cognitieve gedragstherapie.

Waarom alternatieve behandelingen soms wel werken is (nog) niet duidelijk, want (meestal) niet onderzocht. We weten dat de aspecifieke factoren helpen: vertrouwen in de behandelaar, in verhouding veel tijd en aandacht voor de klacht, etcetera…

Veel wordt door wetenschappers weggezet onder de noemer van het zogenaamde placebo-effect: het helpt wel, maar het is onopgehelderd waarom precies.

Placebo-effect

Geheel ten onrechte worden placebo-medicijnen vaak gezien als ‘neppillen’, terwijl ze vaak aanleiding zijn tot echte verbetering. Een witte doktersjas vergroot bijvoorbeeld het placebo-effect en de gewone dokter profiteert daar dankbaar van. Niks mis mee toch, zolang de patiënt er baat bij heeft?

Als je moet kiezen tussen roze en blauwe pillen kun je het beste de roze nemen. Die hebben een groter placebo-effect…

 

Foto: cc-foto zie Bruce Evans.

 

De Comrades: een ervaring die je iedereen gunt!

De Comrades: een ervaring die je iedereen gunt!

Maandagochtend en Simon schuifelt door onze hotelkamer… Pijn in de bovenbenen, dat krijg je na al dat dalen. Hij deed er ongeveer 9, 5 uur over, even lang als ik in 2011.

En ik? Acht minuten over! 11 uur en 52 minuten over negentig kilometer. En na twaalf uur precies ging het hek dicht en kwamen er nog honderden mensen richting de finish in het prachtige, helverlichte voetbalstadion in Durban. Na een lange dag lopen wankelden de meesten, op een manier die mij aan mijn kwaal doet denken. Dronken, nee stuk…

Ervaren lopers met een groen nummer (tenminste tien keer op tijd gefinished) showen ervaring in precies op tijd binnenkomen. Veel zijn zestig jaar en ouder.

Geen vederlichte Kenianen

Een hardloper lijken ze geen van allen. Er zijn hier geen vederlichte Kenianen die ‘onze’ marathons domineren. We waren deel van een volksfeest, waarbij de toeschouwers op het oog ook deelnemers hadden kunnen zijn, en andersom.

“Als ik van tevoren had geweten hoe erg het zou zijn was ik niet eens begonnen. En dat zegt iemand die na jaren presteren wat meer naar zijn gevoel probeert te luisteren.”

De Europese marathonmentaliteit om te koersen op een eindtijd is hier niets waard. Vanaf de eerste kilometer wandelen de deelnemers tegen de steile hellingen op. Dalen is remmen en een aanslag op de bovenbeenspieren. Vlak is het nooit. Zingend en in grote groepen vallen de Afrikanen het parkoers aan.

Als ik van tevoren had geweten hoe erg het zou zijn was ik niet eens begonnen. En dat zegt iemand die na jaren presteren wat meer naar zijn gevoel probeert te luisteren. Een rare combinatie van pijn en voldoening resteert. Naast me zit een uitgewoonde hardloper, maar intens gelukkig dat hij het weer heeft geflikt. Kun je zo’n race eigenlijk beleven zonder klok? Ik heb zelden meer aan hoofdrekenen gedaan dan gisteren. Tussendoor zijn er beelden van een soort carnaval, een intens meelevende bevolking, die de dagelijkse armoede even lijkt vergeten.

Die in een paradijselijke omgeving woont, maar het lang niet zo goed heeft als wij in het rijke Westen.

Hardlopen in Afrika is ook een les in nederigheid. We vlogen via de decadentie van Dubai naar een veel warmer continent, qua gevoel, dat je wel doet realiseren hoe willekeurig een discussie over Zwarte Piet is. De Comrades: een ervaring die je iedereen gunt!

Lees de blog (en reacties) op Losseveter.nl.

 

Comrades is een contrast tussen luxe en armoede

Comrades is een contrast tussen luxe en armoede

Vanuit Durban, waar het druk was aan zee, en alles Comrades ademde, zijn we in ongeveer een uur met een bus naar Pietermaritzburg gebracht, daar is de start morgen. We overnachten in een nieuw en sfeerloos hotel langs de snelweg, en verkennen het centrum. We zien een startdoek hangen, maar daarmee is eigenlijk alles wel gezegd. In de winkels overjarige en vieze kleding voor weinig geld. We laten ons snel terugbrengen naar het hotel, dat ineens heel luxe overkomt.

We praten met wat andere lopers. Met bijna zestig deelnemers is Nederland relatief goed vertegenwoordigd (ter vergelijking: er doet maar één Turk mee). Een man vertelt getraind te worden door Hendrick Ramaala, een vermaarde Zuid-Afrikaanse langeafstandsloper die de New York marathon won in 2004, maar die nooit de Comrades liep. Ramaala liep wel de Two Oceans marathon en werd in 2014 (40- plus!) nog tweede. Hij zou de Comrades hebben betiteld als ‘long fun run’ maar zag tijden van winnaars (mannen en vrouwen) tussen 5 en 6 uur over het hoofd. Doe het maar even!

Honger naar de start

In ieder geval zijn we hier snel weer weg morgen. Het landschap is adembenemend mooi en de temperatuur in de middag is zeer aangenaam, maar onze luxe bubbel in Durban lonkt. En de honger naar de start groeit. We maakten wat foto’s bij de startstreep en moeten lachen om het resultaat. Vooral het bord ‘disabled’ wekt hilariteit. Verder is de stemming behoorlijk serieus na de afgelopen, ontspannen dagen. De vrouwenfinale op Roland Garros is zelfs in dit deel van de wereld een aangenaam tijdverdrijf.

“We maakten wat foto’s bij de startstreep en moeten lachen om het resultaat. Vooral het bord ‘disabled’ wekt hilariteit.”

Ik herinner me een afgeladen cricketveld vol finishers en hun supporters uit 2011, niet deze armoede. De hardlooproman ‘Olympiërs’ biedt gelukkig ook afleiding. De Olympische steeplechase uit 1984, op een atletiekbaan in Los Angeles is echter heel wat anders dan een ultraloop op het Afrikaanse continent in 2018. Dat hoeft Hans Koeleman echt niet uit te leggen. We bemachtigen wat te eten in een smakeloos winkelcentrum, en besluiten maar vroeg te gaan slapen. Hoe eerder het morgen is, D-day tenslotte, hoe beter.

We moeten vroeg op, om 4.00 uur vertrekt de bus al!

Lees de blog (en reacties) op Losseveter.nl.

 

Aftellen naar de start

Aftellen naar de start

Meer dan 20.000 mensen hebben zich ingeschreven voor de Comrades, al maanden zit de inschrijving vol. Of er ook zoveel zullen starten waag ik te betwijfelen, een nummer bemachtigen is een kunst op zich. Van start ga je als je je daadwerkelijk hebt gekwalificeerd, en een marathon voltooid in 2017 biedt geen enkele garantie natuurlijk.

Ook ziekte en blessures kunnen roet in het eten gooien. Mijn kwaal teisterde wel mijn voorbereiding, maar daar wil ik het nu niet meer over hebben.

In Dubai kwamen we een oudere vrouw tegen die beleefd vroeg of we ook hardlopers zijn, kijkend naar de schoenen die we dragen. Als we bevestigend antwoorden ontspant haar gezicht:’Ook naar de Comrades zeker?’ Het oogt onwaarschijnlijk, maar ook deze dame gaat van start. ‘11.59.59 is my goal!’ lacht ze.

Inmiddels in Durban, een grote stad aan de oostkust. Hier pikken we ons startnummer op, en belangrijker nog: we kopen op de expo parafernalia alsof we de finish al hebben gehaald. Er zijn heel veel donkere mensen, de blanken die je ziet zijn vrijwel allemaal hardlooptoeristen. Armoede is goed waarneembaar, maar iedereen is in de ban van de Comrades.

“Mijn overtuiging dat ik het toch ga halen groeit. ‘Asijiki’ zeggen ze hier, no turning back.”

Als koningen aan het strand

Het mag hier dan winter zijn, voor ons is het lekker warm. Het zonnetje schijnt en overdag wordt het zomaar vijfentwintig graden. We eten voor bijna niets, als koningen aan het strand. Vergeten is onze reis, die van deur tot deur bijna een etmaal in beslag nam. Op het strand laat een artiest ons startnummer uniek tot zijn recht komen. Ik heb zin in bier, maar drink al maanden niet… Alleen mijn vriendin mis ik, maar die mist zo’n hardloopreis graag.

We dribbelen van het hotel even naar het voetbalstadion waar we overmorgen hopen te finishen. Acht jaar geleden gebouwd vanwege het WK en nooit echt vol benut. Schitterende architectuur, dat wel.

Mijn loopmaat is opgewonden en al een tikje zenuwachtig. Mijn overtuiging dat ik het toch ga halen groeit. ‘Asijiki’ zeggen ze hier, no turning back.

Morgen naar Pietermaritzburg, waar we op de dag van de wedstrijd om 5.30 uur starten, om aan het eind van de middag terug te keren. Als het goed is… We doen een zwemmetje en lezen een boek om de tijd te doden. We gunnen onze benen rust, terwijl ons hoofd ongeduldig is. Was het maar vast zover… Buiten Durban kijken weinig mensen uit naar bijna negentig kilometer hardlopen.

Lees de blog (en reacties) op Losseveter.nl.

 

De marathon is for pussies

Via het Midden-Oosten, waar we moesten overstappen, vlogen we rechtstreeks naar Durban. Het is een verre reis, en daar houd ik van. Filmpje kijken, boekje lezen, veel meer is er niet te doen als je eenmaal bent opgestegen. Er is ook een groot voordeel aan de verre reis naar Zuid-Afrika: een jetlag is er niet. Wel zijn de seizoenen precies andersom aan de andere kant van de Evenaar: de Comrades zit midden in de winter, ook al is het in de buurt van Durban nooit echt koud:-)

Zoals wij soms de Elfstedentocht hebben, heeft Zuid-Afrika de Comrades. Maar die gaat in principe ieder jaar door, omdat er nauwelijks voorwaarden (voldoende dik ijs) zijn. Er doen duizenden hardlopers mee, de marathon van Rotterdam is er niets bij… Uitzending live op de nationale televisie, uren lang. En een finish als bij de schaatstocht: een onherroepelijke eindtijd en later binnenkomen mag niet, de hekken zijn gesloten (geen kruisje…)

De Comrades werd voor het eerst gehouden in 1921 en is qua deelnemersveld de sterkste ultramarathon in de wereld. En de oudste… ‘The marathon is for pussies’ hoor je in het zuidelijk deel van Afrika, en dan is dit ‘the real thing.’

Blanke held Bruce Fordyce

Ik herinner me een reportage over de wedstrijd, decennia geleden, de Apartheid bestond nog, en Nelson Mandela was nog ‘slechts’ een gevangene op Robbeneiland. De gebeurtenis zonder rassendiscriminatie uit die tijd is de Comrades.

De blanke held Bruce Fordyce rent in het overwegend donker gekleurde deelnemersveld liefst negen maal als winnaar over de finish. Zijn eerste overwinning boekt hij in 1979, en liefst acht keer op elkaar wint hij. Van de huidskleur van de andere sporters trekt hij zich niets aan, sporter onder elkaar is zijn (terechte) motto. Hoewel Fordyce ook Europese marathons won is hij bij ons nauwelijks bekend. Maar deelnemers aan de Comrades kennen hem allemaal en in Zuid-Afrika is hij beroemd, en terecht.

Anno nu is de wedstrijd ontdaan van de meeste politieke lading. Er is geen enkele koppeling meer met een feestdag, en de wedstrijd vindt al jaren niet meer plaats op een vaste datum of feestdag. Zoals de meeste internationale marathons. Jammer, want net als de meeste lopers koester ik tradities.

Wat aan traditie rest is het aantal deelnames. Hoe vaker je de Comrades liep, hoe groter je status. Tot op het startnummer, want na tien keer een medaille (uitvallen telt niet) heb je voor eeuwig een groen nummer. En ik weet dat Hans Koeleman (zes keer gefinished) daar op uit is. Hij liever dan ik, twee keer lijkt me genoeg (ook nog een keer op en een keer neer) en vriend Simon is debutant. Wel een goede loper gelukkig…. We hebben er zin in!

Lees de blog (en reacties) op Losseveter.nl.

De ULTRA

De ULTRA

Maanden geleden schreef ik me in voor de Comrades, een beroemde ultraloop in Zuid-Afrika. Van de kust (Durban) naar het binnenland (Pietermaritzburg), ook bekend als ‘uphill’, in oneven jaren. De omgekeerde weg, inderdaad: ‘downhill’ in even jaren. In 2011 ging ik omhoog, in 2018 omlaag. Althans dat was het voornemen.

Met de Comrades is het volgens mij net als bevallen: tijdens en vlak erna zeg je (of denk je): dit nooit meer! Maar de meerderheid kan na één keer niet stoppen. Vrouwen baren twee of meer kinderen, duurlopers keren terug naar de Comrades.

In 2011 was ik overtuigd van het éénmalige karakter van mijn expeditie, eind 2017 maakte ik mijn vriend en medeloper Simon van Woerkom enthousiast dit ook maar eens te proberen. Al jaren organiseer ik met Simon de cursus runningtherapie, en we maken loopreizen. Eerst marathons (Chicago, Boston) en uiteindelijk verder.

De Two Oceans in Kaapstad is een aanrader voor iedereen die wel eens verder wil dan een klassieke marathon. Jaarlijks op Paaszaterdag, en ‘maar’ 56 kilometer. Voor veel Zuid-Afrikanen een ideale voorbereiding op de Comrades, later in het jaar.

Ruim twee klassieke marathons

De Comrades is bijna 90 kilometer, ruim twee klassieke marathons. Een perfecte reis naar de Two Oceans wordt ieder jaar georganiseerd door Stichting Run4Schools, een goede doelenclub met een project in een locaal township, dat je dan ook direct gaat bezoeken (zie www.run4schools.nl). Simon en ik wilden verder dan in Kaapstad.. Steeds meer Nederlanders gaan in de slipstream van ex-hordenloper Hans Koeleman (en schrijver van de klassieke hardlooproman ‘Het blauwe uur’) richting Comrades. Niet harder, maar verder. De reis als doel, echte duurlopers herkennen dat.

We bevinden ons allemaal in de sporen van Jan Knippenberg, bij wijze van spreken.

De reis is geboekt en betaald, en ik ga ondanks een slechte voorbereiding vanwege een ziekte. Simon weet dat ik desnoods ‘slechts’ zijn supporter ben… maar ik wil toch! Vanuit Durban naar Pietermaritzburg worden gebracht, en dan wel verder zien. De start is vroeg, dus starten ga ik. Als toeschouwer zie ik geen rol voor me weggelegd. De komende dagen houd ik jullie op de hoogte!

Lees de blog (en reacties) op Losseveter.nl.

Meer informatie over Het Blauwe Uur van Hans Koeleman.